Wat werd bereikt:
Ten eerste, inclusie! De kinderen zijn vrolijk, ze leren met plezier en spelen in de pauzes met de ziende kinderen op de school. Verlegenheid is weg en ook de ouders van deze kinderen schamen zich niet meer. “Zakaria heeft echt dezelfde kansen als anderen,” zegt de vader van een leerling. “En misschien wel meer. Hij leest met zijn vingers veel beter dan de meeste Tsjaadse kinderen met hun ogen!” De bevolking van Am Timan is gewend geraakt aan het beeld van kinderen die, meestal twee aan twee, hun weg uitstekend kunnen vinden.
Er is een schooluniform gekozen: rode broek of rok en witte bloes. Heel belangrijk, want omdat alle scholieren in Tsjaad een schooluniform dragen, zijn de slechtziende leerlingen (en hun ouders) er trots op dat ze nu een eigen uniform hebben en herkenbaar zijn als scholier, ondanks hun handicap.
Het braille onderwijs heeft twee klaslokalen gekregen van de openbare lagere school Ridina . De brailleklassen begonnen in 2024 en 2025 half oktober, tegelijk met de opening van het schooljaar van de Ridina school. De lessen worden gegeven door een onderwijzer en een onderwijzeres die zelf visueel beperkt zijn. In deze periode waren veertien leerlingen ingeschreven, elf jongens en drie meisjes (tussen 7 en 16 jaar oud). De leerlingen zijn verdeeld in vijf niveaus (groep 3 t/m 7 in ons systeem). In oktober 2026 wordt de laatste klas toegevoegd. De directeur van de Ridinaschool heeft Braille geleerd. Hij valt soms in voor lessen (als een van de leraren bijvoorbeeld malaria heeft).
De onderwijzers doen hun werk met bijzonder veel enthousiasme en liefde voor de kinderen. Zelf kregen ze (in Mongo, 700 km gedeeltelijk door moerasland naar het noorden) les van ziende onderwijzers, en ze genieten ervan dat ze dit werk ondanks hun beperking net zo goed of nog beter kunnen doen dan hun onderwijzers destijds. Ze zijn daarmee ook een rolmodel voor de leerlingen en laten aan hun ziende collega’s op de school zien dat een lichamelijke handicap geen beperking hoeft te zijn voor het maatschappelijk leven.
Zes kinderen – vijf jongens en een meisje – verblijven in het internaat. Ze worden er goed verzorgd door een huismoeder, die voor hen kookt en hen knuffelt.